# 34 - Beroeringen

“Had je Gerald nodig?” vroeg ze op een avond.
“Ja”, zei hij.
“Heb je aan mij niet genoeg?” vroeg ze.
“Nee”, zei hij. “Ik heb genoeg aan jou zover als het je vrouwzijn betreft. Jij bent alle vrouwen voor mij. Maar ik wilde een man-vriend. En voor net zo eeuwig als jij en ik eeuwig zijn.”
“Waarom ben ik niet genoeg?” zei ze. “Jij bent voor mij genoeg. Ik wil niemand anders. Waarom is het voor jou niet hetzelfde?”
“Met jou kan ik mijn hele leven buiten anderen, buiten een ander soort intimiteit. Maar om het compleet te maken, om het ware geluk te bereiken, wilde ik ook een eeuwige verbintenis met een man: een ander soort liefde”, zei hij.
“Ik geloof dit niet”, zei ze. “Stijfkoppigheid is het. Een theorie, een perversiteit.”
“Eh…“ zei hij.
“Je kunt er geen twee soorten liefde op nahouden. Waarom zou je!”
“Ja. Daar lijkt het op”, zei hij. “Toch wilde ik het.”
“Het kan niet. Want het is onecht, onmogelijk”, zei ze.
“Dat geloof ik niet”, antwoordde hij.
Women in love – D.H. Lawrence


Het is een Engelse film en al een tijd bezig. Het verhaal boeit niet erg, al vindt hij Engelsen wel heel goed acteren. Maar hij gaat zelden naar de bioscoop en kijkt nog minder vaak naar de tv. Hij leest liever een boek.
De aankleding is in de stijl van de jaren twintig, misschien zelfs eerder. De acteurs zijn geen overbekenden. Voor Jory niet, tenminste.

Een van de hoofdrolspelers is een kerel die opvalt, een dertiger met een krachtige, vierkante kop, koude grijze ogen, een brede, koppige, ook enigszins wrede mond onder een dikke zwarte snor.
Hij lijkt meer op zijn plaats in een gangsterfilm. Dat is dit niet.
De man doet Jory aan Helmer denken, al weet hij niet waarom. De acteur is in elk geval veel knapper dan Helmer.
Jory gaapt, voor de derde keer. Misschien moet hij vanavond maar eens vroeg naar bed. Helmer is een weekendje zeevissen. Zonder Jory, die vissen dierenmishandeling vindt.
Op het scherm ontrolt zich een scène die hem rechtop doet zitten; een blote mannenarm draait een antieke kamerdeur op slot. In de daarop volgende beelden beginnen twee acteurs aan een partijtje naaktworstelen voor een grote open haard.
Jory kijkt film uit.
Op zaterdag gaat hij op zoek naar de roman.


De naam vindt hij in de bibliotheek, uit een lijst van boekenzaken in de stad. Het Antiquariaat Litera zit vlak bij hem in de buurt. nooit geweten, denkt hij.

Om in de winkelruimte te komen moet hij een trapje af.
Het is alsof hij het verleden instapt.
Het is er schemerig en rommelig vol, en de boeken ruiken schimmelig. Er zweeft ook iets zoets in de lucht, als een exotisch parfum.
Een kralengordijn achterin de zaak schuift met veel gekletter opzij. Een kind, denkt Jory in eerste instantie. Hij voelt zijn gezicht warm worden, weet zich geen houding te geven. Dwergen wekken altijd zijn medelijden op.
wat is het woord ook alweer-
“Kabouters”, glimlacht de kleine man. “Maar omdat Walt Disney ons belachelijk heeft gemaakt prefereer ik 'kleine mensen'.
Hij heeft een lichte, wat neuzige stem.
“Ik zag je het denken. Ik ben het wel gewend. Waar kan ik je mee helpen, jongeman?”
“Eh, ik zoek een boek van D.H. Lawrence. Het heet, eh, Women in love.”

“Ik moet daar nog ergens een Penguin van hebben liggen. Momentje, ja?”

Weer gordijngekletter. Het mannetje loopt wijdbeens, zag Jory. Net als Helmer. Maar bij Helmer zit er geen hobbel in.
Hij laat zijn blik door het interieur dwalen. Boeken, boeken, boeken. De meeste zijn paperbacks. Veel titels en schrijvers zeggen hem niets. Hij slentert naar een wandkast met een glazen deur en een slot. De gebonden boeken zien er heel oud uit. Vlaamsche Kronyk. De Goddelijke Comedie. Les Miserables.
Hij loopt terug naar de toonbank achterin. Een oud, lang dressoir. Van opzij ziet hij dat de vloer erachter verhoogd is. Er staat een bureaustoel. De moderne kassa bevindt zich op een plank onder de toonbank.
Een beetje zorgeloos. Hij kan er makkelijk bij.
“Probeer het maar niet. Ik kan de deur op afstand vergrendelen en bijt dan je ballen af.”

Het bloed vliegt Jory naar de kaken. Het werd al gezegd voor de kleine hand het kralengordijn in beweging bracht.
“Ik ben niet bang voor beren als jij. Dat heb ik wel afgeleerd.”
De ogen van de kleine man glitteren.
“Maar ik wou helemaal niet...”
“Dat wilde de laatste waarschijnlijk ook zeggen. Voordat hij het hazenpad koos. Met drie briefjes van tien en een handvol munten. Die hij te pakken kreeg omdat hij met een mes zwaaide.”
Jory duwt zijn opkomende wrevel terug.
“Wij beren zijn niet allemaal zo.”
De klein man maakt een wegwuif gebaar, en steekt Jory een pocket toe.
“De Prisma uitgave. In het Nederlands.“
Een tekening siert de voorkant, een man met een sweater om zijn schouders, voor hem zit een vrouw in elegante jaren twintig kleding, tekenend op een schetsblok. De man is in monochrome tinten weergegeven, zij in kleur.
Jory draait het om en ziet het prijsplakkertje - Fl.500 - dat het grootste deel van de zwart-wit foto van de schrijver afdekt, “…Dat is eh nogal duur.“
“Wat?“ De verkoper tuurt naar het stikkertje.
“Ach- er had een punt tussen gemoeten. Maar je krijgt het zowiezo voor twee vijftig. Twee komma vijftig.”
“Dat is niet duur.”
“...Ik heb van de schrijver The Rainbow en Lady Chatterly's Lover. Gebonden, dus die kosten wel meer.”
“Nee, deze is goed genoeg” zegt Jory. Hij staat weer te blozen, voelt hij.
Het mannetje haalt zijn hand door zijn haar. Hij heeft dik, golvend, rossig haar. Het is het enige mooie aan hem. Van achter brilleglazen nemen de bolle ogen hem koeltjes op.
“…Zeg liever waar je echt voor komt. Porno? Dat verkopen we niet.”
Er valt een stilte. Tot Jory zegt:
“Ik kan een hoop hebben, maar er is een grens.”
De ogen van de dwerg versmallen.
“Ik zoek alleen maar dit boek, verdomme”, gromt Jory, het nogal bruusk op de toonbank deponerend.
“…Ruford?”
Een tinkelende vrouwenstem.
"...Is alles okee?" Een vrouw verschijnt.
Een dwergenstel... Maar de gezette dame is een hoofd groter.
Haar lijvige gestalte gaat gehuld in een enkellange zwarte zijden jurk en ze is omhangen met sieraden die net zo veel lawaai maken als het kralengordijn. 
Ze heeft een popperig gezicht. En en flink bos hout voor de deur.
“Misdraagt die ouwe pikkebaas zich?” vraagt ze aan Jory. Ze heeft een accent, Oost-Europees misschien, maar het is onmiskenbaar Nederlands wat ze zegt.
“Moest jij niet naar zwemles?”
“Barbara belde af. Ze heeft haar arm gekneusd. Ze is vanmiddag van een keukentrapje gevallen. Ik zei, mens, ik dacht dat dat alleen in films gebeurde.”
Ze kijkt van de een naar de ander. “Is er een probleem?” Kennelijk heeft ze binnen Jory's stemverheven opmerking gehoord.
“Eh, mijn vrouw, Olga”, verduidelijkt Ruford. Mooie naam, denkt Jory. die de pocket van de toonbank terug pakt. 
“Zonder wie dit antiquariaat allang ingestort zou zijn.”
“...Goedemorgen, mevrouw.”
Tegen haar echtgenoot zegt Jory: “In ieder geval bedankt voor de moeite-”
“Eh, meneer hier wil deze Lawrence. Niet de mooie gebonden uitgave. Haal jij 'm eens over?”
De vrouw geeft haar echtgenoot een koel berekende blik.
Haar man vraagt: “Waarom wil je persé deze roman? Je lijkt me helemaal geen type om te lezen.”
“--Ruford!”
“In elk geval geen Lawrence, schat.”
“Het... is belangrijk voor me…het gaat me niet om het hele boek…om een paar stukjes.”
Hij zweet nu.
heeft ze het door?  denkt Jory. misschien kent ze het boek niet
“Hoe heet je?” vraagt de vrouw op een toon die geen tegenspraak duldt.
Hij geeft haar zijn voornaam.
Ze knikt. “Het is belangrijk voor Jory, Ruford. Zoals ik ook belangrijk voor je was. Weet je nog?”
“Dat ben je nog steeds, moya prinsessa.”
De spot in haar woorden ontgaat Jory niet.
Jory staart naar haar. Het mollige vrouwtje heeft een glimlach die verblindt, het is alsof de zon plotseling vol door de etalageruit naar binnen schijnt.
Ze verplaatst haar blik naar Jory en gebaart hem achter de toonbank te komen.
“...Nee, ik-”

“Je hebt toch geen haast hoop ik? Wij in elk geval niet.”
Hij wordt bijkans de bureaustoel in getrokken.
“En Ruford gaat koffie zetten”, zegt ze, een krukje voor zichzelf pakkend.
Het krukje ziet er verontrustend fragiel uit, maar houdt het. Waarschijnlijk al jaren. 
In een opwelling zegt Jory: “Ik heb me bedacht. Ik wil de gebonden uitgave. Geeft niet wat het kost.“
Haar ogen glanzen nog meer. “Dat mag ik graag horen!“
Ze kijkt meer te willen horen, denkt Jory.




Reacties